Bron: contactblad DVG

“Na dertig jaar ‘leeft’ onze Kees nog in Uganda!”
(door Aggie Beemster)

Tot deze conclusie komen familieleden van Mill Hill missionaris Kees Spil tijdens hun bezoek aan Uganda. Van 13 t/m 26 november 2018 maken twee broers van Kees (Sjaak en Arie), een zus van Kees (Joke Welboren-Spil) en een schoonzus (Vronie Spil-Konijn, vrouw van Arie) van alles mee op zijn ooit zo geliefde standplaats in Buswale. Een unieke gebeurtenis: dertig jaar na de dood van Kees zijn z’n twee broers, een zus en een schoonzus samen op de missiepost aanwezig.
Uganda is zonder twijfel één van de mooiste landen van Afrika, met een fantastische natuur. Tegenwoordig is het een veilig land om te bezoeken, afgezien van de wat meer afgelegen grensgebieden. Dat Uganda ook donkere periodes heeft gekend weet de familie Spil maar al te goed.
In 1971, het jaar van zijn priesterwijding, vertrekt Kees naar zijn eerste missiepost in Uganda. De contacten met zijn thuisbasis in De Zuidermeer zijn onregelmatig en spaarzaam. Het is de tijd van Idi Amin, een dictator die tijdens zijn bewind duizenden tegenstanders uit de weg laat ruimen. Voor de familie een hele onzekere periode. Lange tijd weten zij niet of hij nog wel in leven is. In 1977 wordt Kees benoemd tot parochiepastoor van het dorp Buswale, een dorp waar hij zich thuis voelt. Hij bouwt er scholen, organiseert activiteiten voor de jeugd, zet vrouwenpraatgroepen op en realiseert een kleine polikliniek. In de loop der jaren zoeken verschillende familieleden hem op om te helpen met de opbouw van allerlei projecten. Ook zij voelen zich thuis in dit bijzondere land. Schoonzus Vronie is er in 1984 voor het eerst en is er nu inmiddels al acht keer geweest. Ze voelt zich er als een vis in het water. Aan dat allereerste bezoek heeft Vronie nog de nodige herinneringen: “ De tijd van Idi Amin was toen al wel voorbij maar Uganda was nog een heel onrustig land. Kees was bang voor onze veiligheid. We mochten niet in het donker naar buiten. Als we ‘s nachts wat hoorden mochten we absoluut onze kamer in de pastorie niet verlaten. De wegen naar de stad waren versperd door roadblocks waar gewapende soldaten je auto doorzochten en waar je je moest identificeren. Kees reed in een auto van het diocees waarop stond dat hij priester was en dat was wel in ons voordeel. We hadden altijd veel spullen bij ons waarmee we hem konden helpen bv. auto onderdelen, geld, gordijnen, stukken zeil maar ook kaas en worst. Hele grote dingen als naaimachines werden via een container van Mill Hill vervoerd. Daar stopten we ook koffie in en blikjes met lekker eten, allemaal dingen om te verwennen. Bij elke reis spelen we met de hele familie een beetje voor Sinterklaas.”
Zus Joke neemt de draad van het verhaal over: “Na zeventien jaar in Uganda gewerkt te hebben wordt Kees in 1988 op vierenveertigjarige leeftijd tijdens een roofoverval op gruwelijke wijze vermoord. Hij wordt op zijn eigen veranda doodgeschoten. (Op de foto van links naar rechts Arie, Vronie, Joke en Sjaak op de veranda van Kees in Buswale).
Meteen de volgende dag vindt de begrafenis plaats. Hij wordt, zoals hij graag wilde, achter zijn kerkje begraven. Er is nooit achterhaald wie de daders zijn. De moord op Kees was voor ons, als familie, moeilijk te verwerken. Maar groter waren de gevolgen voor de inwoners van Buswale. Wie kon hem vervangen? Daarom is, kort na zijn dood, de ‘Stichting Uganda Werkvoortzetting pater Kees Spil’ opgericht. Het is een kleine stichting die zich vanuit Nederland richt op twee aandachtsgebieden: de dorpjes Buswale en Kiyunga. Middels giften, donaties, legaten en het organiseren van acties en evenementen proberen we met familieleden en vrienden allerlei projecten te ondersteunen zodat het werk van Kees niet voor niets is geweest en de herinnering aan hem levend wordt gehouden.”
Regelmatig reizen bestuursleden van de stichting naar Uganda om persoonlijk spullen te gaan brengen. “Deze keer,” vertelt Vronie, “ ging er zelfs een melkmachine mee in het vliegtuig!
Een machine voor één koe. Deze is voor een Afrikaanse vriendin van ons die samen met haar dochter een wijnfabriek runt maar die nu ook melk en yoghurt willen gaan produceren. Het maakt het voor ons zo waardevol als we zo’n wens kunnen vervullen. De splinternieuwe melkmachine, geschonken door de familie Spil, hadden we helemaal gedemonteerd en verdeeld over acht koffers. De mannen hebben tijdens het uit elkaar halen steeds foto’s gemaakt zodat ze ‘m in Uganda weer op de juiste manier in elkaar konden zetten. Dat is gelukt, hij doet het! De eigenaresse is er ontzettend trots op. Ze kan er nu acht koeien mee melken.”
Behalve dat in Nederland de ‘Stichting Uganda’ in het leven is geroepen, is er aan de Afrikaanse kant de organisatie BUCAPIDO opgezet, eigenlijk een soort lokale ontwikkelingsorganisatie.
In het verleden heeft BUCAPIDO trainingen georganiseerd op het gebied van duurzame landbouw, hygiëne en sanitaire voorzieningen. Nu krijgen de plaatselijke scholen prioriteit en daarvoor volgen de Bucapido-leden eerst een training. Broer Sjaak en schoonzus Vronie, beiden bestuursleden van de stichting, hebben een dag meegedraaid met die training en hebben dat als zeer waardevol ervaren.
Verder werd er een sportdag georganiseerd voor kinderen van de middelbare school. Vronie: “We hadden spelletjes bedacht die we hier wel kennen van koningsdag en sportdagen en waar maar weinig spullen voor nodig zijn. Spullen die we makkelijk in het vliegtuig mee konden nemen als blinddoeken, lege ballen die we daar opgepompten en tennisrackets. Er was eten voor iedereen, er was water, er waren tenten, we hadden shirtjes en er was muziek. Alles speelde zich af op een veld waar ook koeien liepen. De vraag was natuurlijk of het een beetje aan zou slaan. Maar daar hadden we ons geen zorgen over hoeven maken, de sfeer was zó goed! We hebben er allemaal van genoten. Vooral spijkerpoepen was een enorm succes. Ze noemen het nu ‘poope game’. De prijzen hadden we vanuit Nederland meegenomen, pennen, medailles en echte trofeeën mét inscriptie. Hoewel ze in Uganda gewend zijn aan prijzen in natura zoals schapen, voetballen of schooluniformen waren onze prijzen toch een enorm succes.”
Na dit enthousiaste verhaal wil Joke nog één ding kwijt: “Wat ook bijzonder was tijdens deze reis is dat broer Sjaak, een bollenteler, tulpenbollen heeft geplant rond het graf van Kees. Die staan nu waarschijnlijk wel bijna in bloei. Dat is toch een prachtige gedachte? In dat verre land Hollandse tulpen voor onze Kees!”
Wilt u meer weten over de ‘Stichting Uganda’ en hun doelstellingen ga dan naar de website. Daar is informatie te vinden over Kees Spil zelf, de mensen achter de stichting, de projecten die worden gesteund, reisverslagen, foto’s én uiteraard, onder de button contact, een rekeningnummer.